EMDR – trauma verwerking

EMDR is een methodiek voor trauma verwerking en staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing.

Deze therapeutische interventietechniek wordt voornamelijk toegepast bij mensen met een trauma, onverwerkte nare ervaringen en posttraumatische stressstoornis (PTSS). Deze succesvolle therapie is ontwikkeld door Francine Shapiro en bestaat sinds eind jaren ’80.

EMDR kan bij vele onverwerkte trauma’s worden ingezet.

Zoals bij:

  • Traumatische belevenissen zoals brand, oorlog, geweldplegingen.
  • Rijangst bv. na een auto-ongeluk.
  • Traumatische rouw.
  • Mishandeling.
  • Pesten.
  • Ziekte. Pijn. Zeer zware bevallingen.
  • Vliegangst.
  • Faalangst
  • Plein- en straat vrees.
  • Fobieën.
  • Onverwerkte woede.

contact-therapie

Alle verdere denkbare onverwerkte herinneringen en nare ervaringen. Dat EMDR werkt bij trauma’s lijdt geen twijfel. Er bestaan inmiddels meer dan 23 gecontroleerde wetenschappelijke onderzoeken naar de effectiviteit van EMDR. Dat maakt EMDR op dit moment de meest geëvalueerde methodiek op het gebied van traumaverwerking. Kort geschetst houdt het behandelingsprotocol het volgende in: De therapeut zal u vragen aan de nare belevenis(sen) terug te denken inclusief de bijbehorende beelden, gedachten en gevoelens. Eerst zal zoveel mogelijk informatie over de traumatische beleving verzameld worden. Gevraagd zal worden om de traumatische ervaring ’hier en nu’ op te roepen en de emotionele lading te ervaren en gevoelsmatig te beschrijven. Een essentieel element is het telkens ‘ompolen’ van de aandacht van links naar rechts naar links enzovoort. Dat kan met oogbewegingen of met geluiden, daar past de therapeut speciale technieken bij toe.

Bij een psychotrauma wordt ervan uit gegaan dat een cliënt als het ware ‘bevroren’ is in een traumatische of nare  situatie en reacties op die oude, traumatische situatie blijft herhalen, ook al is dat niet meer nodig. Bijvoorbeeld: iemand maakt een auto-ongeluk mee. Iedere keer dat hij of zij daarna een zelfde soort auto ziet rijden of op dezelfde plek rijdt, kan hij of zij in paniek raken. Ook al weet de betrokkene rationeel heel goed dat dat niet nodig is. In termen van ‘accelerated information processing’ is de oude, traumatische ‘informatie’ (van het ongeluk) nog niet voldoende verwerkt en blijven alle zintuiglijke ervaringen van ‘toen’ in het hier en nu psychische klachten oproepen.

Met EMDR blijkt het mogelijk, deze disfunctionele respons vaak volledig te laten verdwijnen, zonder uitgebreide gesprekken en in relatief korte tijd.